Groot misverstand over lichaamsbeweging en vermageren de wereld uit helpen

Lichaamsbeweging is een medicijn met enorme voordelen, maar vermageren hoort daar niet bij. Wie enkel sport om te vermageren, doet dat voor de verkeerde reden.

Overal hoor en lees je, van gespecialiseerde artsen tot adviezen in vrouwen- en gezondheidsbladen, dat vermageren enkel lukt wanneer dieet gekoppeld wordt aan lichaamsbeweging. En dat is een groot misverstand. Van sporten val je niet af. Het jammere is dat mensen die enkel ‘sporten om te vermageren’ ontgoocheld zullen zijn en stoppen met sporten. Dubbel jammer. Lichaamsbeweging is dringend aan een herdefiniëring toe.

Sport op school faalt om obesitas tegen te gaan

Waarom val je niet af? Bij lichaamsbeweging verbranden we calorieën en dat wil ons lichaam tot elke prijs compenseren. Kinderen doen dat door te rusten. Dat heet, met een moeilijke term, de ‘activitystat hypothesis’: het lichaam onthoudt dat het sport en vermindert de activiteit voor de rest van de dag. Deze hypothese werd uitvoerig bestudeerd bij kinderen tussen 8 en 10 jaar. Sport op school werd gecompenseerd door een verlaagde activiteit op andere momenten. Het speelde ook geen rol hoeveel uur sport de kinderen hadden op school, steeds compenseerden ze hun sportactiviteiten door minder te bewegen op een ander moment. Lichaamsbeweging bij kinderen is dus een soort communicerend vat. Dat kan een reden zijn waarom sport op school faalt om obesitas tegen te gaan.

Ik vraag mij af of die hypothese ook niet geldt voor volwassenen? Na een lange fietstocht breng ik de rest van mijn dag door op de canapé. Nog een misverstand is dat je dik wordt van niet te sporten. Het omgekeerde is waar, inactiviteit blijkt, zo leert onderzoek, eerder het gevolg dan wel de oorzaak van dik zijn. Dit is een tweede reden waarom sport op school faalt om obesitas tegen te gaan. Tijdens de turnlessen blijven zwaarlijvige kinderen achterop bij het lopen, ze geraken niet over de bok en komen geen twee meter hoog op het klimtouw. Ze zijn vaak beschaamd en dat zet niet aan tot meer te sporten.

Sporten om gewichtstoename te beperken, niet om te vermageren

Hoe zit dat met de volwassenen? Volwassenen die veel sporten beperken hun gewichtstoename, maar vermageren doen ze niet. Dat blijkt o.a. uit de beroemde HUNT-studie bij twintigduizend volwassen mannen die elf jaar werden gevolgd: het besluit was dat voor het afwenden van chronische ziekten zoals diabetes de richtlijn van 150 minuten/week voldoende was maar onvoldoende om het lichaamsgewicht op peil te houden, daarvoor is meer sport nodig. Een gelijkaardig onderzoek bij 34.079 vrouwen van gemiddeld 54 jaar die dertien jaar werden gevolgd gaf gelijkaardige resultaten: enkel de vrouwen (slechts 1 op de 8!) die één uur of meer sportten per dag, slaagden erin min of meer op gewicht te blijven. De anderen kwamen gemiddeld drie kilo bij. Dus, ja het is mogelijk om de ‘normale’ gewichtstoename op weg naar de middelbare leeftijd te beperken, maar je moet er verdorie veel voor sporten. Vergeet niet, als het op calorieverbranding aankomt, valt de bijdrage van sporten tegen. Eén uur aan 10km/h lopen levert een calorieverbruik van 900 kcal op (15 kcal/min). Dat komt overeen met het verbranden van een zakje chips, een banaan en een blikje cola of met 15 appelen. Om effectief een halve kilo af te vallen moet je 37 uur stappen. Zucht.

Honger is de boosdoener

Waarom lukt het zo moeilijk om gewicht te verliezen? De belangrijkste reden is: honger. Na het sporten eten we meer. Koolhydraten om de suikerreserve aan te vullen en eiwitten om de spieren te herstellen. We vinden trouwens dat we dat verdiend hebben. Een hotdog of een streekbier mag wel na honderd kilometer fietsen. Je moet eens rondkijken op plaatsen waar wielertoeristen verzamelen na een recreatieve tocht. Wat daar aan fastfood en bier wordt geconsumeerd is niet normaal. Trouwens wie nu sport en voordien niet, wordt zwaarder omdat de spiermassa toeneemt. Nog een mythe is dat de actuele gemotoriseerde homo sapiens veel minder beweegt dan vroeger. Amerikaans en Nederlands onderzoek vergeleek de lichaamsactiviteit van de bevolking in 1980 en in 2005. Er was geen verschil in energieverbruik en dus geen verschil in lichaamsactiviteit. We verbrandden evenveel in 1980 als in 2005 terwijl in diezelfde periode het aantal zwaarlijvige mensen dramatisch is toegenomen. We eten veel meer. Maar hoe leg je dan uit dat het gemiddeld lichaamsgewicht van een bevolking toeneemt als de ontwikkeling stijgt? Omdat we energierijker eten. Op bevolkingsniveau speelt het totale energieverbruik waarschijnlijk geen rol in de oorzaak van obesitas maar de totale energie-inname wel. Minder eten is de enige manier om op gewicht te blijven of af te vallen.

Referenties op aanvraag

Elk blogbericht op ‘UZ Brussel blogt’ weerspiegelt enkel de mening van de respectievelijke auteur.

Over

Prof. dr. Hendrik Cammu is afdelingshoofd uro-gynaecologie aan het UZ Brussel, arts en auteur van onder meer 'Wat moet ik nu geloven, dokter' (Lannoo 2017).


Er zijn geen reacties.

Reageer

Je kan deze tags gebruiken: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>